Nederland dreigt de komende tijd op te schalen naar wat waterbeheerders ‘feitelijk watertekort’ noemen. Dat zegt voorzitter Harold van Waveren van de Landelijke Coördinatiecommissie Waterverdeling (LCW) tegen Nieuwsuur. Volgens hem vertoont de huidige droogte steeds meer overeenkomsten met het uitzonderlijk droge jaar 1976, dat voor de LCW als referentiejaar geldt.
Door aanhoudende droogte, lage rivierstanden en toenemende watervraag neemt de kans op regionale tekorten verder toe. De LCW, waarin Rijkswaterstaat, waterschappen en andere waterbeheerders samenwerken, schaalde op 1 juli al op naar niveau 1: dreigend watertekort. Fase 2, feitelijk watertekort, lijkt nu aanstaande. Bij niveau 3 is sprake van een crisis; dan neemt het ministerie van Binnenlandse Zaken het over van de LCW en komt er een nationaal crisiscentrum.
Uitzonderlijk voor begin juli
Van Waveren noemt de situatie ongewoon voor de tijd van het jaar. “De rivierstanden zijn opvallend laag voor de tijd van het jaar. We zien waterstanden die gemiddeld maar eens in de twintig jaar voorkomen. Ook het neerslagtekort zit op een niveau dat je ongeveer eens in de twintig jaar ziet”, zegt hij tegen Nieuwsuur. Eén lichtpunt is er: het IJsselmeer staat bewust extra hoog. “Dat is ons appeltje voor de dorst”, aldus Van Waveren.
De grootste uitdaging is dat de watervraag toeneemt terwijl de aanvoer daalt. Door de warmte verdampt meer water en hebben planten meer nodig. Tegelijk neemt ook in Duitsland, Zwitserland, België en Frankrijk de afvoer van de Rijn en Maas af, waardoor er minder water Nederland instroomt.
Verdelen van schaarste
Als Nederland naar niveau 2 opschaalt, moeten waterbeheerders keuzes maken over de verdeling van beschikbaar water. “Het gaat uiteindelijk om het verdelen van schaarste. Je kunt nooit iedereen tevreden stellen”, zegt Van Waveren. Er wordt nu al extra zoet water ingezet om verzilting in het westen van het land tegen te gaan, wat ten koste gaat van de scheepvaart, die door lagere waterstanden langer moet wachten bij sluizen.
Voor de meeste Nederlanders blijven de gevolgen voorlopig beperkt, verwacht Van Waveren. Wel roept hij op zuinig met drinkwater om te gaan. “De kans is groot dat iedereen door de warmte meer water gebruikt. Op zich is er ruim voldoende drinkwater, maar als iedereen tegelijk de kraan opendraait, kan dat water niet tegelijk door het netwerk. En dan kan de druk lager worden.” Landbouwbedrijven en schippers merken de droogte volgens hem als eersten, en meer regio’s zullen naar verwachting een sproeiverbod instellen.
Van Waveren maakt zich vooral zorgen over de rest van de zomer, die nog twee maanden duurt. “Als deze droogte aanhoudt, kan het een serieuze droogte worden”, zegt hij, verwijzend naar 1976. “Ik hoop dat we zo’n zomer niet meer meemaken, maar door klimaatverandering wordt die kans wel groter.”
